Top 2000

Van Lutjebroek tot Schin op Geul en van Loon op Zand tot Appingedam: alle ‘muziekkenners’ waren in shock. Danny Vera is de nummer 1 van de Top 2000, editie 2020. Het leek alsof ik getuige was van een uitzending van Eva Jinek net na de verkiezing van Trump tot president van de Verenigde Staten. Zoveel ongeloof, verdriet en zelfs boosheid streden om voorrang in de reacties op de uitverkiezing van Vera. Als u mij niet gelooft, check die meer dan 950 (!) comments bij het artikel op nu.nl.

Deze verwarring bij de muziekliefhebber ‘muziekkenners’ die Nederland blijkbaar rijk is, doet me al dagenlang de ballen uit mijn broek lachen. Het is om je te bescheuren echt. Die ‘muziekkenners’ dachten al die tijd dat wat er in de top 2000 staat, écht getuigt van ‘goede smaak’, terwijl natuurlijk simpel vast te stellen is dat de lijst slechts een gemiddelde is. Een gemiddelde van de gemiddelde Nederlander. Gemiddelder dan de top 2000 is er niet.

Let wel, ik stam nog uit de tijd van de top 100 aller tijden. Als ik het wel heb, werd die top 100 uitgezonden op eerste of tweede kerstdag. En dat was dan dat. Tegenwoordig moet de top 2000 dagenlang, als in een nooit eindigende Arbeidsvitaminenmarathon op de radio uitgezonden worden, met als spin-off de (mag ik een teiltje?) Top 2000 à Gogo op televisie, gepresenteerd door Matthijs van Nieuwkerk en de Professor (LOL man), Leo Blokhuis. Sterker nog, je kunt in dat stupide oud-bruine kroegje van Matthijs gaan zitten (wel toegang betalen!) en wie weet stelt hij jou dan wel live op tv de vraag wat jouw favoriete nummer is! Ik hoor u denken: doen mensen dat echt? Ja dat doen ze echt: vorig jaar stonden de mensen in een heel lange rij om binnen te komen. Over gemiddeld gesproken.

De aanloop is voor de ‘muziekkenners’ eigenlijk nog het spannendste onderdeel van het hele circus. Dagenlang zie je hun lijstjes voorbijkomen op social media, in een drang om qua muziekkeuze toch vooral serieus genomen te worden, want ‘kijk eens wat ik gekozen heb! Ik heb er dus echt kijk op!’.

Dit soort aandoenlijke zelfetalage doet me altijd een beetje glimlachen. Want de top 2000 heeft helemaal niets met ‘muziekkennis’ te maken, eerder met gemakzucht. Zeker heb ik in mijn jonge jaren naar de top 100 geluisterd, en zeker heb ik daar ook veel mooie muziek aan overgehouden. Maar er is nog zoveel meer dan de eeuwige ‘Bohemian Rhapsody’s’, de ‘Hotels California’ en de ‘Wish You Were Here’s’. Sterker nog, zulke nummers waren voor mij pas het begin van een ontdekkingsreis door pop, blues, rock, soul en andere genres.

Misschien kan ik met een uitleg van de stemprocedure duidelijk maken wat ik bedoel. Wie zijn favoriete tracks wil opvoeren in die top 2000, maakt al met een vooraf gefilterde lijst kennis, een database van vermoedelijk duizenden nummers, waaruit je je keuze kunt maken. Een track toevoegen kán wel, maar je weet al meteen dat die track geen schijn van kans maakt, je zult immers een van de weinigen zijn die juist dát nummer gekozen heeft. Ik weet niet op welke plek(ken) bijvoorbeeld Aretha Franklin (en ja, die zou in míjn top 10 komen) staat, maar áls ze erin staat zal dat ongetwijfeld met haar bekende hits “I Say A Little Prayer”, “Think” of “Respect” zijn. Uitstekende nummers uiteraard, die iedereen en z’n moeder (daar is ie weer, de gemiddelde Nederlander) kent of zelfs kan meezingen, maar naar mijn smaak nou niet dé nummers.

De ‘muziekkenners’ hebben trouwens niet echt opgelet, want al in 2005 won Boudewijn de Groot, vanuit het niets, met het op zich wel aardige, maar bepaald niet memorabele ‘Avond’ de hoofdprijs. En dat een prefabbandje met een overdaad aan gezwollen pathos als Coldplay zulke hoge noteringen scoort, zou toch ook menig alarmbel af moeten doen gaan. Ook hier weer: middelmaat.

Hoe de stemprocedure in het verleden ging, met die antieke top 100, weet ik niet, maar ik denk dat dat met briefkaarten ging. In die tijd streden de vaste 3 (Led Zeppelin, Queen en Deep Purple) om plek één. Weinig verrassend wellicht, maar met een strakke format van 100 nummers was de selectie uiteraard veel beperkter én betrouwbaarder. Een internetverkiezing, met wel 2000 nummers, is vanzelfsprekend veel willekeuriger. Immers, wie een ‘mob’ mobiliseert en in groten getale op één bepaald nummer stemt, kan zomaar een clown in de top 10 krijgen. Dat laatste is trouwens een optie die ik wel eens overwogen heb om de onzinnigheid van die hele top 2000 aan te tonen: onder verschillende accounts artiesten als de Havenzangers, Frans Bauer, Saskia en Serge en meer uit dat genre te selecteren. Maar goed, dat is me ook te veel werk en ik gun iedereen zijn pleziertje verder.

“Als een Danny Vera op 1 komt, hoeft het van mij niet meer hoor”, zie ik nu vaak als reactie op zijn uitverkiezing. Weliswaar bemoedigend dat mensen (eindelijk!) afhaken, maar hadden jullie nou gemist dat hij vorig jaar al op 4 stond? Ik zou zeggen: zie er de humor van in. Johan Derksen neemt nu via zijn ontdekking wraak op die kneuterige NPO, die altijd zo de mond vol heeft van fatsoen en goede smaak en die niet aarzelt om hem na een platte grap in nette bewoordingen uit te maken voor alles wat vies en voos is. Ik vind het in elk geval prachtig en het zij sowieso de uiterst sympathieke Vera van harte gegund dat hij mag shinen.

Wilt u mijn schrijfsels steunen? Dankzij uw donaties kan ik u deze content aanbieden. Gebruik de doneerknop op deze pagina.

How useful was this post?

Click on a star to rate it!

Average rating 4 / 5. Vote count: 8

No votes so far! Be the first to rate this post.

As you found this post useful...

Follow us on social media!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *